Deliveroo bezorgers, schijnzelfstandigen of volwaardig zzp’er?

Hoe heeft het hof de arbeidsrechtelijke status van de bezorgers van Deliveroo beoordeeld?

Door: Matthijs van Dijk

Ze zijn tegenwoordig een bekend gezicht in de stad: de opvallend gekleurde kubussen op de rug van een fietser, op weg naar de hongerige klant. Maaltijdbezorg-apps maken het makkelijker dan ooit om snel je favoriete restaurant bij jou te laten bezorgen. Maar, hoe werkt het arbeidsrechtelijk gezien om te werken voor een app? Hier geven bedrijven niet allemaal dezelfde invulling aan. Hoewel voor ons de verschillen tussen Thuisbezorgd.nl en Deliveroo lijken te stoppen bij de kleur van de box, zijn beide fietskoeriers onderworpen aan verschillende arbeidsrelaties. Waar je als fietsers van Thuisbezorgd.nl in loondienst bent, mogen de riders (bezorgers) voor Deliveroo zich sinds 2018 zelfstandig ondernemer noemen en werken dus als zzp’er.[1] Dit heeft consequenties voor de bescherming in de arbeidsvoorwaarden. Zekerheden als het opbouwen van pensioen, doorbetaling bij ziekte en verzekering tegen arbeidsongeschiktheid vielen weg na de omschakeling in 2018. Hiertegenover staat daarentegen meer vrijheid voor de koerier om eigen werktijden te bepalen en dus flexibiliteit. Deliveroo krijgt ook een mooi voordeel: zij hoeven geen sociale premies te betalen. Echter, de Federatie Nederlandse Vakbeweging (hierna: FNV) is van mening dat de riders van Deliveroo helemaal geen zelfstandige ondernemers zijn en het hier gaat om schijnzelfstandigen. Om deze reden spande in 2018 de vakbond een rechtszaak aan tegen Deliveroo, om zo een dienstverband en loon volgens de collectieve arbeidsovereenkomst (hierna: cao) af te dwingen.[2] De rechtbank Amsterdam oordeelde in januari 2019 in het voordeel van de vakbond, waarop Deliveroo in hoger beroep ging.[3] Vorige week moest Deliveroo opnieuw een verlies incasseren toen het Gerechtshof Amsterdam oordeelde dat er wel degelijk sprake is van een arbeidsovereenkomst en dat de riders niet moeten worden aangemerkt als zzp’er.[4] Hoe is het hof tot deze conclusie gekomen? Welke argumenten worden hiervoor aangedragen? En welke gevolgen heeft dat voor de riders?

Of er sprake is van een arbeidsovereenkomst tussen de rider en Deliveroo, dient te worden gekeken naar de elementen die volgen uit artikel 7:610 van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW). De elementen voor de kwalificatie van een arbeidsrelatie zijn ‘in dienst’, ‘loon’, ‘gedurende zekere tijd’ en ‘arbeid’. Daarnaast volgt uit een eerder arrest, Groen/Schroevers, dat er tijdens de kwalificatie van de arbeidsovereenkomst ook gekeken moet worden naar alle omstandigheden van het geval.[5] Wanneer deze elementen zijn vervuld en de omstandigheden niet tot een ander oordeel nopen, is de overeenkomst te kwalificeren als een arbeidsovereenkomst.

Arbeid
De vraag of er arbeid wordt verricht, lijkt een eenvoudig te beantwoorden vraag. Het wordt dan ook niet betwist dat de riders arbeid verrichten wanneer zij een maaltijd bezorgen. Wel wijst Deliveroo op de grote mate van vrijheid die de bezorger heeft bij het verrichten van de arbeid. Deze grote mate van vrijheid kan duiden op de afwezigheid van een arbeidsovereenkomst. Daarnaast stelt Deliveroo dat bezorgers mogen werken voor een concurrerende onderneming, wat ook duidt op het niet bestaan van een arbeidsovereenkomst.

Het huidige systeem waarmee Deliveroo werkt, is het zogeheten Free Login-systeem. Riders melden zich op het moment dat ze willen gaan werken aan. Een bepaalde tijd inroosteren, zoals eerst het geval was, is niet mogelijk. Bezorgers krijgen via de ‘Frank’ (het algoritme ontwikkeld door Deliveroo) bestellingen aangeboden wanneer zij als meest efficiĆ«nt voor de bestelling worden geacht. “Frank verwerkt de gegevens over de locatie van de bezorger ten opzichte van het restaurant, het voertuigtype, een schatting van wanneer de bestelling gereed is voor bezorging en de geschatte bezorgtijd. Het algoritme maakt daarin geen onderscheid in de persoon of de wijze waarop een bezorger zijn diensten aanbiedt en kan dat ook niet. Deze data zijn voor Frank niet beschikbaar noch van belang.”, aldus dus Deliveroo. Riders kunnen vervolgens de aangeboden bestelling accepteren of afwijzen. Dit, plus het Free login-systeem, duidt volgens Deliveroo op een grote mate van vrijheid voor de bezorger. Het hof is het met Deliveroo eens dat de bezorgers een grote mate van vrijheid krijgen onder het huidige systeem, maar oordeelt dat deze vrijheid “niet van dien aard is dat dat daarmee de kwalificatie ‘arbeidsovereenkomst’ onverenigbaar is.” Dat bezorgers vrij zijn om te werken voor de concurrent is volgens het hof niet van groot belang omdat twee derde van de bezorgers slechts ‘hobbymatig’ – voor veel bezorgers is het slechts een bijbaan – werkt.

Loon
Aan het loonvereiste van artikel 7:610 lid 1 BW is voldaan. Deliveroo betaalt immers de bezorgers voor het werk dat zij verrichten. Wel kijkt het hof of de wijze van betaling een aanwijzing vormt voor het bestaan van een arbeidsovereenkomst. Riders krijgen per bestelling een bepaald bedrag, afhankelijk van de lengte van de rit. Zij krijgen tweewekelijks uitbetaald, waarbij Deliveroo zelf de facturen verzorgt. Dit lijkt volgens het hof meer op een arbeidsovereenkomst dan op een opdrachtovereenkomst, waarbij degene die de opdracht aanneemt zelf de facturen regelt. FNV stelt daarnaast dat de hoogte van het loon eenzijdig wordt vastgesteld door Deliveroo. Deze loonvaststelling past beter in het plaatje van de arbeidsovereenkomst past dan vande opdrachtovereenkomst. Deliveroo verweert zich op dit punt door te stellen dat bezorgers wel degelijk invloed hebben op de hoogte van het loon. Wanneer de vraag groter is dan het aantal beschikbare bezorgers, worden er namelijk bonussen aangeboden per bestelling. Het hof gaat hier niet in mee. De hoogte van het loon, mede aangepast door marktwerking, leidt er niet toe dat bezorgers invloed hebben op de hoogte van het loon. Daarnaast wijst het hof op het feit dat twee derde van de bezorgers geen btw verschuldigd is, omdat zij als ‘hobby-matig’ worden aangemerkt. Ze verdienen namelijk minder dan €603,92 per maand. Hierdoor kunnen deze bezorgers niet als ondernemer worden beschouwd met betrekking tot de omzetbelasting. Dit is wederom een indicatie dat het gaat om een arbeidsovereenkomst.

In dienst van
Voor het vereiste ‘in dienst van’ is een bepaalde gezagsrelatie nodig. Deliveroo meent dat deze gezagsrelatie ontbreekt, gezien het feit dat de bezorgers zelf mogen bepalen welke route ze willen rijden. Echter, FNV bepleit dat deze vrijheid niet zo groot is als Deliveroo doet geloven. Hoe meer maaltijden een rider bezorgt, hoe meer hij verdient. Een rider zal dus veelal de snelste route kiezen, ook om de klant tevreden te houden. Het hof is eveneens van mening dat de route-vrijheid betrekkelijk is. Een vrachtwagenchauffeur in loondienst heeft dezelfde route-vrijheid. Dit duidt dus niet op de afwezigheid van een arbeidsovereenkomst. Los van deze vrijheid stelt het hof dat het bezorgen van een maaltijd werk is waarbij weinig aanwijzingen nodig zijn. Het ontbreken van dit soort aanwijzingen zeggen daarmee weinig over het wel of niet bestaan van een arbeidsovereenkomst.

FNV heeft er ook op gewezen dat de bezorgers ‘gewone bedrijfsarbeid’ verrichten, omdat het bezorgen van maaltijden onderdeel is van de core business van Deliveroo. Het hof leidt af uit eerdere rechtspraak van de Hoge Raad dat dit element kan duiden op een gezagsverhouding.[6] Deliveroo beweert daarentegen dat het primair een IT-bedrijf is en dat maaltijden bezorgen slechts ondergeschikte betekenis heeft. Het hof volgt deze redenering niet. Het overgrote deel van de mensen die werkzaam zijn voor Deliveroo zijn namelijk bezorgers. Daarnaast lijkt de naam ook te wijzen op het bezorgen van goederen of diensten.

Riders voor Deliveroo worden ook in de gaten gehouden door een GPS-systeem, zodat ‘Frank’ de juiste bestellingen kan aanbieden. De klant kan ook de bezorger door het GPS-systeem in de gaten houden wanneer deze de bestelling heeft geaccepteerd. Daarbij komt dat Deliveroo door het bonussysteem een grotere mate van invloed heeft op het gedrag van de bezorgers. Deze controle mogelijkheden en invloed door het GPS-systeem en de bonussen kunnen volgens het hof worden geduid als vormen van gezag.

Gedurende zekere tijd
Voor het vereiste ‘gedurende zekere tijd’ geldt een rechtsvermoeden. Dit betekent dat dit element wordt geacht aanwezig te zijn, indien aan alle overige vereisten is voldaan. Toch heeft Deliveroo dit rechtsvermoeden betwist. Zo stelt Deliveroo dat zestig procent van de bezorgers minstens een maand lang niet bezorgen terwijl ze werkzaam zijn voor Deliveroo. Het hof acht dit niet van grote betekenis. Immers, werknemers kunnen ook vier weken vakantie nemen, dit duidt dus niet op een zodanige onderbreking van de arbeid dat aan het element ‘gedurende zekere tijd’ niet is voldaan. Uit de argumenten van Deliveroo kan het hof niet concluderen dat de bezorgers slechts in ‘verwaarloosbare omvang’ arbeid verrichten.

Overige omstandigheden
Het hof stipt nog enkele overige omstandigheden aan die het van belang acht. Deliveroo biedt haar bezorgers een ongevallenverzekering aan voor de tijd dat zij aan het werk zijn. De schade die voortvloeit uit een ongeval die een rider krijgt, wordt dan vergoed. Daarnaast krijgen de bezorgers op basis van deze verzekering een bedrag uitgekeerd gelijk naar de gederfde inkomsten, indien zij als gevolg van dit ongeval arbeidsongeschikt worden. Dit sluit volgens het hof meer aan bij een arbeidsovereenkomst. De hoogte van het loon, gemiddeld €11,00 tot €13,00 per uur volgens Deliveroo, is volgens FNV niet voldoende om verzekeringen af te sluiten als zzp’er. Deliveroo betwist dit niet. Wel ligt het loon een stuk hoger dan het minimumloon dat op veel bezorgers van toepassing is, aldus Deliveroo. Echter, het hof acht het loon niet hoog genoeg dat het duidt op de afwezigheid van een arbeidsovereenkomst. Het hof legt uit dat voor sommigen, ook bij een bijbaantje, de bescherming van een arbeidsovereenkomst van belang kan zijn. Aan Deliveroo werd dan ook de vraag gesteld waarom bezorgers niet kunnen kiezen tussen een arbeidsovereenkomst en een opdrachtovereenkomst. Hierop gaf Deliveroo geen antwoord.

Conclusie
Nadat het hof aan alle elementen van artikel 7:610 BW alsmede de omstandigheden van het geval heeft getoetst, oordeelt het hof dat alleen de vrijheid die bezorgers hebben bij het uitvoeren van hun werk, duidt op het niet bestaan van een arbeidsovereenkomst. Alle andere elementen geven daarentegen juist wel blijk van de aanwezigheid van een arbeidsovereenkomst. De vrijheid bij het uitoefening van het werk is volgens het hof niet onverenigbaar met de kwalificatie als arbeidsovereenkomst. Het hof oordeelt dat de bezorgers van Deliveroo werkzaam zijn op basis van een arbeidsovereenkomst en gaat niet mee in het standpunt van Deliveroo.[7]

Echter, dit betekent niet dat alle contracten van de riders nu worden omgezet in arbeidsovereenkomsten. Hiervoor moet elke bezorger individueel zijn contract opeisen, wat mogelijk gepaard gaat met nog meer rechtszaken.[8] Daarnaast zal Deliveroo zijn zaak hoogstwaarschijnlijk nogmaals bepleiten bij de Hoge Raad. De arbeidsrechtelijke status van Deliveroo bezorgers blijft hiermee nog een vraagstuk waar rechters zich in de toekomst over zullen buigen.


[1] ANP, 22 augustus 2017, “Deliveroo laat alle bezorgers zzp'er worden” Het Parool (www.parool.nl).

[2] C. Pelgrim, 14 juni 2018, “FNV begint rechtszaak tegen maaltijdbezorger Deliveroo” NRC (www.nrc.nl).

[3] C. Pelgrim, 15 januari 2019, ”Rechtbank: fietskoeriers van Deliveroo zijn werknemers” NRC (www.nrc.nl).

[4] A. Sterk, 16 februari 2021, “Rechter in hoger beroep: fietskoerier Deliveroo moet worden gezien als werknemer”, NRC (www.nrc.nl).

[5] ECLI:NL:HR:1997:ZV2495.

[6] ECLI:NL:PHR:1978:AC6391.

[7] ECLI:NL:GHAMS:2021:392.

[8] A. Sterk, 16 februari 2021, “Rechter in hoger beroep: fietskoerier Deliveroo moet worden gezien als werknemer”, NRC (www.nrc.nl).